|
Er
zijn drie
verschillende soorten parfumgrondstoffen te onderscheiden. Dierlijke,
Plantaardige en
Synthetisch.
Dierlijke:
De
dierlijke
substanties van deze dieren zijn eigenlijk bedoeld om de geslachtsdrift
te
prikkelen, het zal de aantrekkelijkheid van het dier vergroten als hij
hier
gebruik van maakt. Door de groei van de parfumindustrie heeft de
dierenbescherming ingegrepen,zodat deze substanties niet of nauwelijks
meer
gebruikt worden en als ze wel gebruikt worden zijn ze onbetaalbaar.
|
Parfumgrondstoffen: |
|
| Bever |
|
Parfumgronstoffen. |
Ambergrijs:
Ambergrijs
is een
wasachtige stof, dat de potvis uitscheid, nadat hij inktvis heeft
gegeten. De
stof drijft in tropische zeeën, spoelt aan wal of zit vast in
de netten van
vissers. Als men de stof wil gebruiken dan moet dit minstens drie jaar
drogen
voordat het verwerkt kan worden. De zeer zachte balsemgeur van amber
hecht zich
aan de huid en dient daarvoor alles als fixatief. De potvis is bijna
uitgestorven waardoor dit een zeer zeldzame stof is geworden. Het
amberachtige
akkoord in de parfums wordt tegenwoordig vrijwel altijd synthetisch tot
stand
gebracht of met behulp van plantenextracten nagebootst. Daarbij wordt
vooral
gebruik gemaakt van laudanum een olieachtige hars dat wordt gewonnen
uit de
bladeren van de citrusstruik.
Muskus:
Het muskushert
komt voor in de Himalaya en in Tibet. Er is ook nog een andere soort
muskus,
deze word door de Amerikaanse bisamrat geleverd.
Muskus is een
zeer sterk ruikende substantie, Eén druppel kan wel veertig
jaar geuren. Deze
substantie komt van een levend mannelijk muskushert, en wordt in de
bronstijd
uit de buikklier (een korrelige en vaste substantie) afgescheiden. Deze
substantie is Eén van de kostbaarste stoffen voor de
bereiding van parfums.
Civet:
Civet deze
katachtige leeft in Birma,Thailand en Ethiopië.
Civet is een
vettige stof die uit een klier aan de anus wordt afgescheiden,in de
ruwe
toestand waar in deze substantie wordt afgescheiden is dit een zeer
onaangename
geur. Als deze substantie sterk verdund word dan word de geur steeds
aangenamer.
Castoreum:
Ook wel castor of
bevergeil genoemd. Deze inheemse bever komt uit Canada en
Siberië. De
substantie die door de parfumwereld word gebruikt is een olieachtige
roodbruine
afscheiding, deze is afkomstig van de klieren van de bever die zich in
twee
blazen onder aan de buik bevinden tussen de anus en het
geslachtsgedeelte,zowel
van het mannetje als het vrouwtje. Deze substantie werd al voor Chr.
geïntroduceerd door Arabische parfumeurs.
Plantaardigegrondstoffen:
Plantaardige
Parfumgrondstoffen:
De Roos_(plant):
Islamitische
parfumeurs waren de eersten die rozenblaadjes uit Damascus
distilleerden.
Shiraz een
Perzische stad stond in de 8e eeuw om zijn rozenwater bekend. Dit werd
geëxporteerd door China en India. Perzische sultans vulden hun
matrassen zelfs
met deze kostbare bloemblaadjes. Tot aan de 19e eeuw kende het
rozenwater een
culinaire en geneeskrachtige toepassing die geliefd was bij oosterse
parfumeurs. Van de vele soorten rozen maakt de parfumindustrie gebruik
van
slechts twee soorten. De" rosa centifolia" meiroos
genoemd afkomstig
uit Marokko en Grasse, en de" rosa damacena" en deze komt uit
Bulgarije en Turkije. De rozen
die men gebruikt moeten uiterst voorzichtig
behandeld worden de grootste vijand is de zon. De bloemen worden voor
zonsopgang geplukt. Zo rond half negen s'ochtend bevat de bloem de
meest
vluchtige stoffen. We moeten ons realiseren dat er heel veel
bloemblaadjes voor
nodig zijn, voor 1 kilo
olie 5 ton bloemen, op dit moment is het nog niet gelukt om een
identieke
synthetische substantie te ontwikkelen.
Jasmijn:
Jasmijn
grandiflorum:
Deze bloem is
afkomstig uit midden Azië en Perzie en werd rond 1560 door de
Spanjaarden in
Grasse gebracht, waar de bloem eind 19e eeuw begin 20e eeuw officieel
werd
ingewijd.Net als de roos wordt ook de jasmijn voor zonsopgang geplukt
om te
voorkomen dat dauw en zon de bloemen aantasten de bloemen worden van
augustus
tot eind oktober geoogst. De jasmijn is Eén van de meest
gebruikte bloemen in
de parfumindustrie. Volgens de parfumsamenstellers bestaat er geen
parfum
zonder jasmijn. Tegenwoordig wordt de geur van jasmijn onttrokken in een laboratorium
doormiddel van vluchtige
oplosmiddelen of met de enfleurage techniek. Deze
procédés worden alleen
toegepast op tere bloemsoorten zoals viooltjes en wilde narcis, ze zijn
niet
bestand tegen hoge temperaturen
Sinaasappelbloesem:
Citrus aurantium
amara:
deze botanische
familie is oorspronkelijk afkomstig uit het verre oosten en groeit
voornamelijk
in China. De olie van de vrucht wordt voornamelijk gewonnen uit de
schil van de
vrucht door middel van uitpersing (expréssion). Deze vrucht
wordt ook wel
pomerans genoemd en de olie die gewonnen word neroli. De blaadjes en de
takken
van deze plant worden verwerkt, hierdoor blijft een
petitgrain over.
Ylang
Ylang:
Cananga odorate
forma Genuina:
Bloem der bloemen
genoemd deze plant komt oorspronkelijk uit Azië en op dit
moment komen ze uit
de Comoren en Madagaskar. De Ylang Ylang is een hoge boom met
kronkelige
takken. De bloemen van deze boom worden geplukt op het moment dat de
kleur goed
geel is en dat de kleur van de blaadjes rood beginnen te worden. De
geur
ontwikkeld zich pas na twee weken, op het moment dat de bloem open
gaat. Als de
bloemen worden geplukt, worden zij gelijk gedistilleerd. Een boom
levert per
jaar circa 10
kg
bloemen op en er is 0,5 kg
nodig voor 1 gram olie. Het
beroemdste
parfum van ylang ylang is No 5 van chanel.
Mimosa:
Acacia farnesiana
De mimosa komt
uit Australië en is begin 19e eeuw naar Europa gekomen, hij
bloeit van maart
tot april in de bergen van de alpes martimes deze zijn dan bedekt met
mimosa.
De bloem en het blad van deze plant worden verwerkt tot olie. Als de
bloemen
worden geoogst, dan moeten deze ook zo spoedig mogelijk worden
verwerkt. Binnen
24 uur, dit komt doordat het bloemetje niet uit blaadjes bestaat maar
uit
meeldraden en deze zijn erg kwetsbaar.
Lavendel:
Lavare:
Bij lavendel denk
je aan Frankrijk en de Provence. Vroeger werd lavendel heel veel
gebruikt in de
parfumindustrie, maar tegenwoordig is dat een stuk minder, dit komt
doordat
lavendel veel gebruikt wordt in wasmiddelen en toiletverfrissers. De
authentieke lavendel die gebruikt word in de parfumindustrie kom je
tegen in de
Alpen en in Groot Brittanie in Norfolk. Lavendel wordt als zeer
belangrijke
geurnoot verwerkt in verschillende eau de toilettes zowel voor mannen
als voor
vrouwen.
|
Parfumgrondstoffen: |
|
|
|
|
| Tuberoos |
Jasmijn |
Lavendel |
|
Parfumgrondstoffen. |
De
Tuberoos:
Polianthes
tuberosa:
Deze plant komt
uit Mexico en is in de 17e eeuw naar Grasse in Frankrijk gekomen. Op
dit moment
wordt deze tuberoos ook in India en in het Atlasgebergte van Marokko
verbouwd.
Hier bloeit hij het hele jaar door. Marokko is op dit moment de
belangrijkste
leverancier van de tuberozenolie. De olie van de plant wordt gewonnen
uit de
bloem en komt voor in circa 20% van de parfums. Het is een zeer
kostbare olie.
Narcis:
De narcis is een
bergbloem die voorkomt in de Alpen van Frankrijk. Hier komen er twaalf
verschillende soorten voor. De parfumeurs gebruiken de zeldzame
narcissus
poeticus. Deze narcis bloeit in mei. Van de bloemen, steel en de
blaadjes wordt
de olie gemaakt, dit is ook een zeer kostbaar product.
Lelietje van dalen:
Convallaria
majalis:
De plant komt uit
Europa, Azië en Noord Amerika. Hij bloeit al aan het einde van
de winter en
word in april geplukt, dan heeft hij het hoogtepunt van zijn bloei
gehad. Het
lelietje van dalen speelde vroeger een bescheiden rol in de
parfumindustrie,omdat de olie niet kan worden verkregen door
distillatie. Tegenwoordig
kan de essence synthetisch verkregen worden, daardoor wordt hij nu ook
veel
meer gebruikt dan vroeger.
Osmanthus:
Afkomstig uit
oost China,India en Japan. Deze twee meter hoge struik wordt in China
vereerd.
De bloemen van deze struik worden gebruikt voor extractie, met behulp
van een
vluchtig oplosmiddel wordt uit de bloemen eerst het osmanthus concrete
gewonnen. De volgende fase levert de etherische olie op. Voor
Eén kilo
etherische olie heb je drie kilo bloemetjes nodig. Soms wordt de olie
ook
verkregen door enfleurage maar dit is kostbaar en het is zeer intensief.
Afrikaantje:
De soorten
afrikaantjes die in de westerse parfumindustrie worden gebruikt zijn
tagetes
patula afkomstig uit Afrika en de tagetes glandulifera die in India
groeit,
deze worden tegenwoordig op grote schaal gekweekt in Italië,
Frankrijk en
Spanje. De etherische olie van de afrikaan wordt gewonnen door middel
van
waterdampdistillatie uit de gehele plant. De vers gewonnen olie is
vloeibaar en
donker van kleur, word hij aan het daglicht blootgesteld, dan verandert
de
consistentie, binnen korte tijd is het een taaie, vloeibare en
harsachtige
massa geworden. De bloem heeft een sterke geur, maar de olie een
fruitige geur.
Geranium_(geslacht):
De geranium komt
oorspronkelijk uit Syrië en Iran. Iedereen kent de geranium
eigenlijk wel van
de vensterbank thuis, maar hij wordt ook in de parfumindustrie
toegepast. Zij
hebben een hele bijzondere geur. De pelargonium capitatum of wilde
Rozengeranium worden het meest gebruikt. De verschillende varianten
hebben
allemaal een kenmerkende geur, hoofdzakelijk wordt van de bloemen de
essentiële
olie gewonnen. Voornamelijk voor de bereiding van mannengeuren maar ook
voor
uniseks en vrouwen geuren. De bourbongeraniums worden voor de
parfumindustrie
als beste geraniumsoort beschouwd
de
laatste jaren wordt deze zeer succesvol gekweekt in Marokko en Algerije.
|
Parfumgrondstoffen: |
|
|
| Rozen |
Osmanthus |
|
Parfumgronstoffen. |
Parfumgrondstoffen Wortel en wortelstokken:
Parfumgrondstoffen:
Wortel en wortelstokken:
Iriswortel:
Iris pallida en
de iris florentina:
De olie van de
iriswortel heeft een viooltjesgeur, deze wordt gewonnen van de wortel
van de
plant en moet drie jaar drogen. De winning van deze olie is zeer
kostbaar en de
opbrengst gering. Er worden twee irissoorten in de parfumindustrie
gebruikt en
deze worden verbouwd in Marokko en de Florence. Andere planten waar de
wortelstokken van worden gebruikt zijn de gemberplant,rubberstok en de
valeriaanwortel. Door distillatie van de wortel ontstaat een mooie
warme olie.
Vetiver:
Andropogon
squarrosus:
De plant komt
oorspronkelijk uit het noorden van India en uit Indonesië. Hij
kan een hoogte
van twee meter bereiken, uit de wortels word de olie gewonnen en deze
heeft een
zware houtige geur en is prima te gebruiken als fixeermiddel. In 36%
van de
parfums maakt deze olie deel uit van de basisnoten. Vertivergras is in
de loop
der tijd een zeer belangrijke grondstof voor de parfumindustrie
geworden. De
roodbruine vloeibare essence wordt met behulp van waterdampdistillatie
gewonnen.
|
Parfumgrondstoffen: |
|
|
| Iriswortel |
Vetiver |
|
Parfumgronstoffen. |
Parfumgrondstoffen Bladeren, kruiden en takken:
Parfumgrondstoffen:
Bladeren,kruiden en takken:
Patchouli:
Pogostemon
heyanus:
Deze plant wordt
verbouwd in Maleisië en Indonesië, hier heeft hij de
naam pucha put. Het is Eén
van de krachtigste plantensoorten in de parfumindustrie. De bladeren
van deze
plant worden gedroogd en gegist en daarna gedistilleerd om
èèn kilo essence te
produceren is 330 kilo
pathouliblad voor nodig. Pathouli heeft een zeer sterke geur en is
èèn van de
beste fixeermiddelen. In 1/3 van alle parfums komt het wel voor.
Viooltje:
Viola odorala:
Er zijn twee
soorten viooltjes. In de parfumindustrie gebruikt men de victoria, deze
geeft
het beste extract. De parma deze is het makkelijkst te kweken de olie
wordt
geëxtraheerd van de bloem en het blad, maar dit is zeer
kostbaar. Op dit moment
worden de meeste viooltjesparfums uit synthetische stoffen
samengesteld.
Mirte:
Myrtus communis:
Uit de takken
wordt een olie gewonnen die in kleine hoeveelheden gebruikt wordt. De
boom is
afkomstig uit het Middellandse zeegebied en was vroeger het symbool van
gelukkige minnaars. De Romeinen gebruikten de vruchten en de takken
voor de
aroma in de wijn en de bladeren werden gebruikt voor het bad.
Tijm:
Tijm is en kleine
heester met roze en lila bloemetjes. Tijm hoort tot de familie van de
labiatae
èèn van de meest uitgebreide families die de
plantkunde rijk is. De lekkere
tijm geur is afkomstig van het blad, er zijn twee soorten tijm echte
tijm
(thymus vulgaris) en de wilde tijm (thymus serpyllum). Deze planten
bestaan op hun
beurt weer uit verschillende
ondersoorten en die diverse soorten hebben weer verschillende geuren.
De tijm
die in de parfumerie wordt gebruikt is een citroengeur, Deze soort komt
voor in
Tunesië, Spanje en Italië. De geur wordt vaak in
mannengeuren gebruikt.
Basilicum:
Ocimum basilicum
cinnamomum en de citrodorum:
Dit is een
plantje dat deel uit maakt van de familie van de labiatae en is
afkomstig uit
Azië en het groeit hoofdzakelijk in het middellandse
zeegebied. De cinnamomum
heeft een beetje de geur van kaneel en de citriodorum heeft de geur van
citroen.
Rozemarijn:
Ros marinus:
Een
groenblijvende heester afkomstig uit het Middellandse zeegebied. Het
eerste
parfum op basis van alcohol (eau de la reine de hongrie) water van de
koningin
van Hongarije stamt uit 1370 ze gebruikte het niet alleen om lekker te
ruiken
maar ook voor haar rimpels. Tegenwoordig wordt de geur hoofdzakelijk
voor
mannengeuren gebruikt en verfrissende sportieve geuren.
Salie:
De muskaatsalie
wordt gebruikt in de parfumerie is afkomstig uit Azië en Zuid
Europa. Het blad
is groot en puntig, en de plant kan wel 1 meter
hoog worden en groeit voornamelijk in
rotsachtige gebieden. Zeer geschikt voor mannengeuren en sportieve eaux.
Munt_(plant) :
Mentha piperita
pepermunt:
Mentha spicata
groene munt:
Deze munt is ook
familie van de labiatae, de munt groeit in gebieden met een gemakkelijk
klimaat
en voornamelijk op vochtige plaatsen, het is een kruipplant. De
etherische olie
die gewonnen wordt, word hoofdzakelijk gebruikt in frisse geuren en in
sportieve geuren.
|
Parfumgrondstoffen: |
|
|
|
|
| Patchouli |
Tijm |
Basilicum |
Rozemarijn |
|
Parfumgrondstoffen. |
Parfumgrondstoffen Hout, schors, mos en korstmos:
Hout,schors,mos
en korstmos:
Rozenhout:
Aniba rosaedora:
Rozenhout is een
kernhout van een altijd groen blijvende boom die voorkomt in de
tropische
regenwouden van Zuid Amerika, deze boom kan 35 meter
hoog worden. De
zoete maar ook houtachtige ruikende olie doet denken aan de geur van
rozen en
lelies,maar het is geen familie van elkaar. Uit de spaanders van het
rozenhout
wordt met behulp van waterdampdistillatie etherische olie gewonnen.
Sandelhout:
Santalum album:
Het sandelhout is
afkomstig uit India (karnataka) en Indonesië. In heel veel
parfums is
sandelhout verwerkt. Het hout en de wortels worden met behulp van stoom
gedistilleerd. Sandelhout is èèn van de
kostbaarste ruwe materialen die worden
gebruikt in de parfumindustrie. Deze boom is een parasiet, hij klemt
zich vast
aan andere bomen. Tegenwoordig zijn deze wouden, waar het sandelhout
groeit
beschermt.
Eikenmos:
Evernia prunasti:
Dit is een
korstmos van de eik,spar en andere bomen,dit mos leeft vooral in
bergachtige
gebieden van Europa tot Noord Afrika. Het eikenmos wordt in de winter
of in het
vroege voorjaar geplukt de geur mengt zich goed en is een goed
fixeermiddel. In
1/3 van de parfums word het verwerkt.
Kaneel:
Cinnamomum
ceylanicum
Sinds de 16e eeuw
is kaneel een geliefde specerij die afkomstig is uit Indonesië
en Maleisië. Het
is een groenblijvende boom die 13 meter
hoog kan worden. Kaneel wordt in de parfumindustrie
gebruikt als essentiële olie. Dit word uit de bast van de boom
gewonnen, de
olie is onmisbaar in oosterse geuren.
|
Parfumgrondstoffen: |
|
|
|
| Rozenhout |
Eikenmos |
Kaneel |
|
Parfumgrondstoffen. |
Parfumgrondstoffen
Parfumgrondstoffen Hars, gom en balsem:
Wierook:
Olibanum:
Dit is een
struikgewas die groeit in Somalië en Zuid Arabië. De
olie van deze struik word
verkregen door distillatie en als hoofdnoot gebruikt. De hars die na
extractie
overblijft is zwaarder van geur en wordt gebruikt als basisnoot in
oosterse en
houtachtige composities. Zeker 13% van de moderne parfums bevat
wierookhars.
Benzoëboom:
Styrax
tonkinensis:
Het is een struik
die groeit in Laos, Java en Vietnam en het kan een lengte krijgen van 20 meter
hoog. Bij de benzoëboom
gaat het om de geurstof uit het hars, het hars wordt verkregen door een
inkeping in de stam. Als de inkeping gemaakt is, dan komt als eerste
een
geelwit sap naar buiten en daarna een roodachtige afscheiding die tot
een vaste
massa wordt geperst. Dit is het hars. Het hars wordt door extractie met
behulp
van een oplosmiddel als basisnoot gebruikt om de compositie van het
parfum af
te ronden.
Galbanum:
Ferula
galbaniflua:
Deze grasachtige
plant is afkomstig uit Iran. Dit gomhars komt ook vrij door middel van
inkeping
in de stam. Na distillatie met stoom of een oplosmiddel zorgt dit
gomhars voor
een groene noot.
Laudanum:
Dit struikgewas
is afkomstig uit het Middellandse zeegebied. Deze zoete olieafscheiding
wordt
druppelsgewijs gewonnen uit de bladeren van de citrusroos. De geur
lijkt op de
olie van ambergrijs en wordt daar vaak mee verward. Gomhars is een
belangrijk
fixeermiddel en komt in 33% van de moderne parfums voor.
Mirre:
Commiphora
myrrha:
Gomextract van de
mirreboom is afkomstig uit Somalië, Arabie en
Ethiopië. In parfum zorgt mirre
voor een balsemachtige en het is een prima fixeermiddel. De olie zorgt
voor een
geurnoot die doet denken aan de geur van onderhout. Circa 7% van de
moderne
parfums heeft mirre als hoofdbestanddeel.
Amandelboom:
liquidambar oriëntalist:
Styrax is een
hars afkomstig van de amandelboom deze is afkomstig uit Turkije (bodrum
en
marmaris) Syrië en Iran. het is een zeer traag groeiende boom
die een hoogte
kan bereiken van 12 tot 15 meter. Bij
verwondingen aan de bast komt styraxbalsem
vrij. Met behulp van oplosmiddelen wordt eerst styraxresinoid aan de
balsem
onttrokken en daarna door middel van distillatie de olie gewonnen. Ze
wordt
vaak als fixeermiddel in de basisnoot van kostbare geurcomposities
gebruikt. In
de loop der tijd is styrax met zijn vanillegeur en zijn zweem gras in
de
parfumindustrie een bijna onmisbare substantie geworden.
|
Parfumgrondstoffen: |
|
|
|
| Benzoeboom |
Laudanum |
Amandelboom |
|
Parfumgrondstoffen. |
Parfumgrondstoffen Vruchten en schillen:
Niet
alle
vruchten kunnen worden gebruikt in parfum, omdat ze te veel water
bevatten
alleen citrusvruchten waarvan de schil aromatische olie bevat en
vruchten die
gedroogd kunnen worden.
Bosaardbei:
Fragaria vesca:
De aardbei die
wij allemaal kennen om te eten wordt niet gebruikt voor de
parfumindustrie maar
de bosaardbei. Hij wordt meestal samen met andere rode vruchten
gebruikt, zoals
de rode bes en de framboos deze groeien in het wild in het bos en het
wordt
niet hoger dan 30 centimeter. De
vrucht is eetbaar maar het blad word
gebruikt voor potpourri en parfum, voordat je de blaadjes wilt
gebruiken moeten
ze eerst worden gedroogd, zodat de giftige stoffen verdwijnen.
Citroen,sinaasappel,mandarijn,grapefruit
en bergamot:
Deze soorten
citrusvruchten geven allemaal een essentiële olie door persing
van de olie uit
de schil. Deze olie wordt gebruikt als hoofdnoot en heeft een
verfrissend
effect.
Nootmuskaat:
Myristica fragrans:
Deze groeit op de
Molukken, India en Sri Lanka. Dit is een altijd groenblijvende boom die
18
meter hoog word. De
verse vrucht die aan de boom groeit is zo groot als een abrikoos. De
schil (foelie)
van de vruchten en de noot worden alle twee gebruikt in de
parfumindustrie.
Vanille_(aroma):
Vanilla
plantifolia:
Deze behoort tot
de familie van de orchideeën, het zijn klimmende
orchideeën en hij kan een hoogte
van 15
meter
bereiken. Hij komt uit Mexico, Azië en Afrika. In de
parfumwereld wordt
uitsluitend de echte vanille gebruikt, omdat het uit kleine
hoeveelheden
bestaat. De vanille voor parfums wordt uit de peulen van de
vanilleplant
gewonnen. Ze moeten samen met de zaden weken in alcohol. Hieruit wordt
de olie geëxtraheerd.
|
Parfumgrondstoffen: |
|
|
| Bergamot |
Vanille |
>
|
Parfumgrondstoffen. |
Parfumgrondstoffen Zaden en Pitten:
De
grondstoffen
komen ons bekend voor in de keuken maar ze worden ook in de
parfumindustrie
gebruikt.
Kardemonzaad:
Elettaria
cardamomum:
Kardemon wordt
verbouwd in Zuid India, China en Sri Lanka het zijn struiken die een
hoogte van
2,5
meter
bereiken. De etherische kardemonolie die ze gebruiken in de
parfumindustrie
wordt uit de zaden van de plant gewonnen, dit met behulp van
waterdampdistillatie. Kardemonpeulen die worden geoogst voordat de
zaden rijp
zijn, leveren olie op van hoogwaardige kwaliteit.
Peper:
Piper nigrum:
Deze plant is
afkomstig uit India, Maleisië en Sri Lanka. De
bessen van de klimplant worden in verschillende groeifases
geplukt
vervolgens worden ze gedroogd en word er olie van gewonnen.
Koriander:
Coriandrum sativum:
Dit kruid is
afkomstig uit de Oekraïne, Hongarije en Marokko. De etherische
olie wordt
gewonnen door middel van distillatie van de zaden en het heeft een
kruidige,
pikante noot.
Komijn:
Cuminum cyminum:
Afkomstig uit het
middellandse zeegebied en India het gedroogde zaad wordt gedistilleerd
zodat
een etherische olie ontstaat. De olie heeft een conifeerachtige,
houtige aroma
en hij word in kleine hoeveelheden toegepast want de geur is erg
overheersend.
Fenegriek
Afkomstig uit
India en klein Azië. Dit kruid speelde een belangrijke rol in
de islamitische
parfumbereiding in de oudheid. Door extractie van de zaden ontstaat een
harsachtige olie. De geur wordt niet zoveel meer gebruikt maar doet
denken aan
walnoot en selderij.
Tonkaboon:
Diplerix odorata:
Afkomstig uit
Guyana en Brazilië. De pitten van de vrucht van dit kruid
wordt door extractie
tot etherische olie gemaakt die als basisnoot dient in tabakachtige en
oosterse
composities.
|
Parfumgrondstoffen: |
|
|
|
| Kardomonzaad |
Koriander |
Fenegriek |
|
Parfumgrondstoffen. |
parfumgrondstoffen
Synthetische Parfumgrondstoffen:
Chanel No 5 had niet bestaan zonder aldehyden en zonder hedionium had
Roudnitska nooit zijn" eau de sauvage" kunnen samenstellen, hoewel het
erg arrogant leek, omdat wat de natuur op zo'n harmonieuze wijze en met
veel geduld had gemaakt na te willen bootsen, was dat toch de drijfveer
van alchimisten in de 19e eeuw. Dankzij perkin, tiemann, baur. darzens
is de moderne parfumindustrie ontstaan, voordat de geurenchemie
zichzelf had bewezen werd parfum samengesteld uit natuurlijke
grondstoffen van hoge kwaliteit, die op zich al bijna een parfum waren.
Zo langzamerhand ging hij deze op eenvoudige wijze mengen, al naar
gelang zijn artistieke vermogen. Deze parfums waren alleen weggelegd
voor de welgestelde met uitzondering van enkele soorten eau de cologne.
Vanaf 1830 waren er enkele chemici die geen parfumeurs waren een
onderzoek gestart naar natuurlijke grondstoffen. In eerste instantie
werden de interessantste elementen geïsoleerd in
essentiële plantenolie. Op deze manier werd het naar rozen
ruikende geraniol uit citroenkruidessence geëxtraheerd door
middel van gedeeltelijke distillatie.
Parfumgrondstoffen
Menthol werd door kristallisatie uit
pepermuntessence gewonnen. Deze substantie' s werden isolaten genoemd.
Uit deze eerste stap bleek dat een groot aantal geurelementen niet
geïsoleerd kon worden, omdat ze slechts in geringe
hoeveelheden aanwezig waren of omdat het te kostbaar was deze te
isoleren,zoals het vanilline in vanille. De hemisythese bood de
mogelijkheid deze substantie te vervaardigen op basis van slechts
èèn element uit een plantaardige olie. Door
terpeen in dennenolie te isoleren ontstond bijvoorbeeld terpineol dat
in seringakkoorden wordt gebruikt. Deze resultaten brachten de
onderzoekers ertoe geuren na te bootsen uit fossiele stoffen,zoals
petroleum en steenkool. Dankzij de synthese slaagden zij hierin: Door
filiatie van benzeen ontstond fenyletyl-alcohol, met een subtiele
rozengeur: uit tolueen oftewel methylbenzeen ontstond een jasmijngeur.
Salicylzuur was het begin van de cumarinesynthese, die de weg opende
naar varenachtige geuren. De chemici waren blij dat zij er in geslaagd
waren moleculen samen te stellen die identiek waren aan die van
de natuur. Op grond daarvan ontwikkelden ze synthetisch
geurmoleculen. Hier waren de parfumeurs heel blij mee, voor hen
betekende dit een ware revolutie. Ten slotte ontstonden uit reductie
van vette zuren de aldehyden,waarvan de overdadige, misselijkmakende
geur de parfumeurs in eerste instantie ontmoedigde. Voordat dit zijn
intrede in de parfumwereld deed was er moed voor nodig om
hier mee te beginnen.
Parfumgrondstoffen
Coco chanel en diens neus Ernest Beaux experimenteerden er wel mee, net
zo lang tot het legendarische No 5 ontstond. Toen was er een grote
parfumlijn geboren die waarschijnlijk niet zal uitsterven zolang de
parfumindustrie bestaat. De chroma-etnografische analyse is een proces
dat de mogelijkheid biedt de moleculen in een geurstof te identificeren
en de aanwezige hoeveelheid ervan vast te stellen. Sinds de tweede
wereldoorlog heeft deze analyse tal van boeiende onderzoeksterreinen
aangeboord met betrekking tot de aanwezigheid van spoorvorming
moleculen in natuurlijke grondstoffen. Sinds enkele jaren maken
onderzoekers gebruik van een revolutionaire techniek, de headspace,
waarmee de situ een bloem, boom of sfeer vastgesteld kan worden. Tevens
biedt deze techniek de mogelijkheid een soort identiteitskaart op te
stellen door de moleculen te analyseren. Deze techniek is heel geschikt
voor bloemen die niet geschikt zijn om in parfums verwerkt te worden,
zoals de orchidee en de blauwe regen, en om een sfeer op te roepen (een
bos of zeelucht). Daarnaast biedt deze techniek de mogelijkheid om alle
ontwikkelingsstadia van natuurlijke geuren bijzonder goed weer te
geven, hetgeen bij essentiële olie en absolu niet altijd het
geval is. Daarnaast is de geur vaak ver verwijderd van die van de plant
in zijn natuurlijke toestand.
Home
History
Raw Material
Perfume Concentrations
Perfume Processes
Designers
Fragrancewater
Tips
Conditions
Contact
Who am I
Parfumgrondstoffen
|